Steeds meer verkopers zijn genoodzaakt hun vraagprijs te verlagen omdat hun woningen niet verkocht raken. Dat meldt Huispedia in een persbericht dat donderdag werd gepubliceerd.
In het derde kwartaal werden 11.916 woningen verkocht voor een bedrag onder de vraagprijs. Dat is bijna 17 procent van het totale aantal woningtransacties. In het tweede kwartaal lag dit aandeel nog op iets meer dan 14 procent.
Gemiddeld verlaagden verkopers in het derde kwartaal hun vraagprijs met 40.850 euro. In de helft van de gevallen bedroeg de prijsverlaging 25.000 euro of minder.
Normaal gesproken neemt het aantal prijsverlagingen na de zomerperiode toe. Volgens Huispedia lag deze stijging dit jaar echter bijna anderhalf keer zo hoog als gebruikelijk.
Tegelijkertijd worden de meeste woningen nog altijd snel verkocht en voor een aanzienlijk hoger bedrag dan de oorspronkelijke vraagprijs. Zo werd 70 procent van de woningen waarvan de vraagprijs niet was verlaagd, uiteindelijk boven de oorspronkelijke vraagprijs verkocht.
„In feite bestaan er momenteel twee woningmarkten”, zegt Maxim Burs, algemeen directeur van Huispedia. „Woningen waarvoor vanaf het begin een realistische vraagprijs wordt vastgesteld, worden snel verkocht en brengen aanzienlijk meer op dan de vraagprijs. Woningen met een te hoge vraagprijs blijven daarentegen gewoon op de markt staan. Alles draait om de verkoopstrategie.”
Volgens Burs kan het lastig zijn om een eenmaal verkeerd vastgestelde vraagprijs later nog te corrigeren. „Een te hoge vraagprijs lijkt misschien ruimte te bieden voor onderhandelingen, maar in werkelijkheid werkt het niet zo. Het leidt alleen maar tot tijdverlies en bovendien kan een woning een negatieve reputatie opbouwen. Kopers zien heel goed hoe lang een woning al te koop staat en of de vraagprijs tussentijds is verlaagd. Daardoor brengen ze ofwel een lager bod uit, of zien ze helemaal af van deelname aan de onderhandelingen.”
Huispedia merkt daarnaast op dat de stijging van de hypotheekrente invloed heeft gehad op het biedgedrag van kopers in het afgelopen kwartaal.
„Aan het begin van het kwartaal lag het gemiddelde bedrag dat boven de vraagprijs werd geboden op 5,4 procent. Aan het einde van het kwartaal was dit gedaald tot 4,7 procent. Als de rente op het huidige niveau blijft, verwachten we dat het bieden boven de vraagprijs in het vierde kwartaal verder zal afnemen.”













